20. jun, 2016

De bochten in evaluerende herinneringen bocht 14 (I can't go for that)

Alpe d'Huzes 2016
De dag erna
Bocht 14: reizend door mijn verlangen

Makkelijk, klaar, bereid, overwerk,
Waar stopt het,
waar durf je, de lijn te trekken.
Je hebt het lichaam gekregen,
nu wil je mijn ziel,
Zelfs niet over nadenken,
Ik zeg onder geen beding.
Ik-- Ik zal alles doen
Dat je wilt dat ik doe,
En ik zal bijna alles doen,
Wat je van mij ook wilt, ooh,
Ik kan daar niet voor gaan  (Nee dat kan niet)
Nee, ik kan daar niet voor gaan (Nee dat kan niet)
Oh, ik kan daar niet voor gaan (Nee dat kan niet)
Ik kan daar niet voor gaan,
Dat kan niet, daar voor gaan,
Dat kan niet, daar voor gaan.

Van bocht 15 naar 14 gaat het weer steil omhoog dan volgt een bochtje en in het verlengde nog een bocht. Eigenlijk is bocht 14 weer niet zo ver. Maar ik denk tijdens het lopen aan de dingen van het leven, terwijl ik ook weer geniet. Er zijn mensen die van alles van je willen, die jou willen beïnvloeden, durf te genieten van ieder medemens en je leven zal groeien. Nee, ik kan niet gaan voor het geëigende pad. Ik volg mijn hart.

Ik kan gaan voor iets dat twee keer zo mooi is,
Ik kan gaan voor slechts herhalen
vab dezelfde oude lijnen.
Gebruik het lichaam,
nu wil je mijn ziel,
Ooh, vergeet het maar,
nu zeg ik onder geen beding.
Ik-- Ik zal alles doen
Dat je wilt dat ik doe,
En ik zal alles bijna doen
Dat je wilt dat ik doe,
Ik kan daar niet voor gaan (Nee dat kan niet)
Nee, ik kan daar niet voor gaan (Nee dat kan niet)
Oh, ik kan daar niet voor gaan (Nee dat kan niet)
Ik kan niet gaan voor dat,
kan daar niet voor gaan,
kan daar niet voor gaan.

Een kind speelt op straat, terwijl ik de hond uitlaat. Zijn mama staat achter hem. Ze heeft een hoofddoekje en een lange jurk. Mensen kijken haar na. Het kindje wijst naar mijn mopshond. Ze lachen. Ze zegt dat is een hondje, in perfect ABN met Arabische tongval, maar dat is bijna genetisch bepaald.
Noraly Beyer had ook een andere tongval dan Loretta Schrijver en de stem van Eva Jinek irriteert mij soms. Sterker nog, haar soms minder intelligente opmerkingen, doen dat, soms. Ik zie het kind. Is zijn wereld nog maar klein, of misschien is zijn wereld juist wel grootser. Vandaag is er iets gebeurd in de wereld, een paar individuen richtte iets aan. Een bevolkingsgroep, of meerdere worden er op aangekeken. Een paar individuen verblinden ons en maken onze blik kleiner. Dat is wat ze willen, kleineren, macht. Soms is onze blik beperkt en verlagen we ons tot datgene wat George Orwell in zijn boek "Animal Farm", vrij vertaald, verwoord als:
"Alle varkens zijn gelijk, maar sommige zijn meer."

Ik ben de passagier en ik rijd en ik rijd
Ik rijd door de achterbuurten van de stad
Ik zie de sterren tevoorschijn komen in de lucht
Ja, de heldere en holle lucht
Je weet dat het er vannacht zo goed uitziet.

In Dikili woont een man. De man laat regelmatig bootjes varen. Hij wordt betaald in Turkse Lira. Hij maakt onderdeel uit van een keten. Hij werkt ook voor de overheid. Daarom kan hij de bootjes laten varen. Soms laat hij lekken dat een bootje vertrekt. Soms zorgt hij dat de overheden even niet kijken.
De show moet kloppen. De show moet doorgaan, zolang hij er van kan profiteren. Hij zegt dat hij het belangeloos doet, maar wel vergoed wilt worden voor de kosten. Daadwerkelijk heeft hij een kist begraven, op zijn land.
Morgen vertrekt weer een boot. Een boot met 50 mannen, waaronder een paar van 13 jaar oud.

Ik ben de passagier
Ik blijf achter het glas
Ik kijk door mijn zo heldere raam
Ik zie de sterren vannacht tevoorschijn komen
Ik zie de heldere en holle lucht
Over de verscheurde achterbuurten van de stad
En alles ziet er goed uit vannacht
Ik zing la la la la la.. lala la la, la la la la.. lala la la

De volgende dag komt de boot aan voor Lesbos, na een ruwe tocht op zee. De zee was stil doorgaans stil, maar door de krapte zijn een jongen en een man bezweken. Ze konden ze niet aan boord houden. Ze hebben het geprobeerd. Twee mannen zijn verloren gegaan, waaronder één van 13 jaar.

We stappen in de auto
We zullen passagiers zijn
We zullen vannacht door de stad rijden
We zullen de verscheurde achterbuurten van de stad zien
We zullen de heldere en holle lucht zien
We zullen de sterren zien die zo helder schijnen
Sterren die vannacht voor ons gemaakt zijn.

Aangekomen op Lesbos worden ze ondervraagd. Het is zondag en ze worden nog net opgenomen. Ze hoeven nog niet te wachten tot ze terug moeten.
Niemand weet nog, hoe dat ten uitvoer komt. Niemand weet überhaupt wat hun te wachten staat.

Op hetzelfde moment zijn een aantal van hun vijanden, degene voor wie ze vluchten, een aanslag aan het voorbereiden op Brussel. Mannen, zij hebben gestudeerd. Het zijn doorgaans respectabele mannen, met minder respectabele vrienden. Ze lachen wanneer ze een blonde man in Nederland horen roepen op televisie dat de grenzen dicht moeten. Dat Nederland nog steeds Sinterklaas speelt. Dat wij de duivel naar binnen laten. Ze lachen, want dat is precies wat ze horen willen. Alles voor IS.

Oh, de passagier
Hoe, hoe hij rijdt
Oh, de passagier
Hij rijdt en hij rijdt
Hij kijkt door zijn raam
Wat ziet hij?
Hij ziet het teken en de holle lucht
Hij ziet de sterren vannacht tevoorschijn komen
Hij ziet de verscheurde achterbuurten van de stad
Hij zit de kronkelende weg langs de oceaan
En alles was gemaakt voor jou en mij
Alles was gemaakt voor jou en mij
Omdat het alleen aan jou en mij toebehoort
Dus laten we een ritje maken en zien wat er van mij is
Ik zing la la la la.. lala lala

De vluchtelingen zijn ook Islamitisch, ze geloven echter niet in een Islamitische staat. Ze willen gewoon hun leven. Leven op hun manier en zijn niet geïnteresseerd in macht. Natuurlijk willen ze het wel goed hebben. Dat wil toch iedereen.

Oh de passagier
Hij rijdt en hij rijdt
Hij ziet dingen van achter het glas
Hij kijkt door het raam aan zijn kant
Hij ziet de dingen waarvan hij weet dat ze van hem zijn
Hij ziet de heldere en holle lucht
Hij ziet de stad 's nachts slapen
Hij ziet dat de sterren vannacht schijnen
En alles is van jou en mij
En alles is van jou en mij
Dus laten we rijden en rijden en rijden en rijden
Oh, oh, ik zing la la la la lalalala

Het is dinsdagochtend in Brussel. De stad wordt opgeschrikt door een harde knal. Explosies, overal. Uiteindelijk zijn we allemaal gewoon passagiers. Passagiers op deze wereld. Laten we ook elkaars gids zijn. Elkaar helpen en begeleiden. Dat is een wereld, zoals ik het zie. Zoals het kind, dat een leuk speels hondje ziet. Een kind, van geen kwaad bewust.

Oh, Ik-- Ik zal alles doen
Dat je wilt dat ik doe,
En ik zal bijna alles doen
Dat je wilt dat ik doe,
Ik kan daar niet voor gaan (Nee kan niet)
Nee, ik kan daar niet voor gaan (Nee kan niet)
Oh, ik kan daar niet voor gaan (Nee kan niet)
Ik kan daar niet voor gaan,
kan daar niet voor gaan,
kan daar niet voor gaan,
kan daar niet voor gaan.

Het gaat de laatste tijd alleen over contrasten die er eigenlijk niet zijn. Een asielzoeker als profiteur en geldverslindend, geld wat naar de zorg had gemoeten, maar een dag later zitten mensen zich te vergapen aan de capriolen van de JSF, wat toch ook gewoon overheidsgeld is. Nee, ik ga mij er niet meer mee bezighouden, nu ik hier loop op deze prachtige plek. Ik ga alleen nog helpen. Mensen helpen en daar van genieten. Tenminste degene die geholpen willen worden en het verdienen. Gewoon genieten van het leven en dat overbrengen. Dat is wat ik nog wil met mijn resterende tijd. Nu geniet ik met volle teugen. Van de wereld naar bocht 14.
Ik kan daar niet voor gaan,
kan daar niet voor gaan (geen doen)
Ik kan niet gaan,
Ik kan niet gaan--
voor dat (Nee kan niet)
Oh, ik kan daar niet voor gaan (Nee kan niet)
Oh, nee, nee, nee, nee, nee, nee,
nee, nee, nee, nee, nee kan dat niet doen,
Oh, ik kan daar niet voor gaan, ja, (Nee kan niet)
Nee, nee, nee, nee, nee, nee .....