15. okt, 2019

Blog 1

Trotse Rots

Daar sta je dan om 01:30 uur exact. In de regen. Het stormt zelfs een beetje. Mijn hoed waait af. Waarom ben ik pas om 23:00 uur gaan slapen? We hebben het wel 3 keer geverifieerd. "Ja, er zijn geen omleidingen bekend", bevestigd de meneer of mevrouw van HTM. "Maar op het bord staat: 'halte vervallen', alleen voor N4, tussen ergens augustus en eind oktober 2018.
Ik kan me de dagen, even niet herinneren. Bedoelen ze soms dat de halte alleen door N4 gebruikt wordt?" "Er zijn geen omleidingen bekend." Dus daar doen we het maar mee. Er wordt slecht gecommuniceerd. "Maar wel zeker een kwartier eerder bij de halte staan en zwaaien met je telefoon, zodat de chauffeur jullie ziet. Om 13 over, ieder uur." Oh, daar kunnen we iets mee.
We kijken nog eens de vloeistof instructie na. 'In flacons van maximaal 100 ml. Het is toegestaan om eenheden van minder dan 100 ml. mee te nemen. Flacons van maximaal 100 ml. dienen gebundeld te zijn in speciale dichte zakken tot maximaal 1 liter.'. Er staat te veel en dan wordt het lastiger. Te veel informatie die niks toevoegd.
Nu staan we in de regen en het is al bijna 13 over het uur. Nog geen bus in zicht. Om 10 voor half zien we een lichtpuntje. Ik schijn met mijn lichtpuntje en hij mist ons bijna, ja, als kiespijn. Met al die dronken lui zou hij willen dat hij in een warm nest lag. Dus de chauffeur mompelt iets terug wanneer ik hem goedenavond wens.
Op Holland Spoor zijn er bussen ingezet. Van de N.S. Een man van ca. 70 staat er met zijn koffertje. Hij moet ook naar Schiphol. Maar denkt de bus van 2:30 op een haar na gemist te hebben. Wij denken dat we 3 kwartier moeten wachten, maar na een kwartier stopt er een touringcar. Ik vraag hem: "gaat u naar het Centraal Station?" Hij antwoord: "koffers onderin graag." Hij blijkt al 24 uur te rijden voor de NS. Met een verplicht aantal pauzes. Maar hij is niet fris meer. Het is dus de bus die de oudere meneer gemist te hebben. We gaan waarschijnlijk inlopen op schema. Want er zit marge tussen de aankomst bus en trein, zelfs nu nog. Overigens bestaat het perron ook uit dronkaards. Sommige zijn er rustig onder, andere te rustig, half in coma, ándere gewoon meer dan ladderzat en ziek tot ziekelijk lawaaierig. Maar wij zitten en zijn onderweg naar Schiphol.
Ik weet best dat het achterhaald is om al zo ver vooraf op de luchthaven te zijn. De vlucht is pas om 7:35 uur. Alles verloopt prettig en soepel. Ik hou me maar een beetje bezig, door dit verhaaltje te schrijven. We vliegen nu 3 en een half uur, nog 2 en een half te gaan. Boa Vista, we komen er aan.
De landing was speciaal. Ik voelde mij als een zeemeeuw. Landende in den zandbak. Ik zweefde over de schorpioenen, in de woestenij, die woestijn wordt genoemd.
We zitten in de hoofdstad Sal Rei in het regenseizoen. Dus de zon schijnt soms een beetje minder fel. Als de enige wolk het luchtruim veroverd heeft. Dan is het benauwd. Sla Rei is geen stad zoals wij die kennen. De supermarkt is een huiskamer. Alleen voor de bank is een plaatsje ingeruimd. Het eiland is ingenomen door de Italiaanse zakenwereld, toen de Portugezen het zinkende schip verlieten. Maar de Capo Verslaan is trots en roept No Stress. Ze werken mee en verdienen veel te weinig om zelfstandig te wonen, dus wonen ze bij elkaar. De Italianen hebben hun werk gegeven, een betaalde baan, omdat niet iedereen Jan vissen. Ik heb er moeite mee. Moet ik dat schilderijtje nu kopen of niet. Wordt hij er echt beter van. Ik gun het hem wel. Hij laat mij het echte Dal Rei zien. Hij werkt in het Hotel, ik kwam hem tegen in de stad. Nu sta ik in zijn kamer. In zijn toonzaal. Zijn vrouw maakt armbandjes. Hij laat mij zien wat ze op zondag doen. De vis binnen halen. Grote tonijnen op een kruiwagen. De vrouwen kijken me aan, ze lachen. Een vreemde man, op hun terras. Alhoewel ze de Italianen zijn gewend. Hun werkgevers die toekijken naar de rustdag van hun personeel. Alhoewel de vrouwen nog werken in hun restaurant. De Capo Verdiaan is trots, erg trots.

© Hoss 8-10-2018