13. jan, 2016

Vandaag weet ook jij het

Vandaag is de dag. Vandaag is de grote dag. Net als gisteren was en morgen zal zijn. Op het moment dat mijn liefje op een bankje in haar knuisten zit te lachen, ben ik degene die tevreden is en een brede glimlach op mijn gezicht hebt, onder mijn verbeten trek en al het snot, dat uit mijn neus loopt. Als God toch eens wist. Wat alleen God kan weten. Dan weet de duivel zich van geen kwaad. We proberen het allemaal helder te blijven zien, zelfs wanneer de schemer vertroebeld is en het helder licht te wit is om de stoep te verlichten en dat we daardoor de details missen. Wat ik zeggen wil is, dat op het moment van vertrek ik tegen het lopen opzag, maar wist dat het wel zou komen.

Dus met verminderde lust begon ik aan mijn geplande interval. Ik wilde eigenlijk 10x200 meter doen, maar kwam er op dat 5 x verstandiger is . Het werd een concessie, 4 x ca. 500 meter en heerlijk dat het was. Ik begon met inlopen. Het was vandaag op zijn koudst dit jaar, maar geen handschoenen en geen muts. Een vader liep heel breed met zijn kindje. Ik wilde het kindje een rotschop geven, maar kwam niet verder dan een aai over haar bol. Ze was zo leuk aan het zingen. Dat heb ik ook met honden die in de weg lopen en natuurlijk is het gevoel gericht op haar vader of zijn baas, die vinden dat de weg van hun is en eigenlijk hebben ze nog gelijk ook. Ik kom later terug op automobilisten. Eerst loopik om de hond heen, op de weg dus maar en spring dan terug op de stoep.

Na 2 km.  12:07 min. ingelopen te hebben, incl. trappen af, start ik met mijn interval. 

550 meter 2:34 min.

rust          3:28 min.

560 meter 2:39 min.

rust          3:31 min

560 meter  2:47 min.  te laat ingedrukt

rust           3:37 min.

550 meter  2:39 min.

rust           3:56 min. 590 meter

2 km.        12:33 min. incl. trappen op

Wat zou er gebeuren als ik de wereld verlaat. Wat zou er met jou gebeuren. Ik zal van je houden, wanneer jij het doet, maar het zal me uiteindelijk wel lukken. Het is zomaar een tekst die mij bezighoudt, zoals meerdere teksten mij bezighouden. Een beest met twee witte ogen verblindt me, het lijkt een ruimtewezen en nadert mij snel van links. Ik zie d stoep niet meer, ik zie niks meer, ik stop. Het beest passeert en ik vloek, waarop het beest toeterend antwoord. Het is een automobilist, die snel nog even bij de Jumbo soep gaat halen, hij was denk ik te laat, dus vond de hond in de pot en niet op tijd voor d soep. Dat vind ik van automobilisten in de spits. Beesten zijn het. Ik hoop dat ik anders ben wanneer ik de trappen van mijn appartement oploop. Tevreden. Ik zal van je houden vannacht. Niemand zal bewegen, niemand zal er praten, we zullen niet hoeven te wandelen. Ik zal van je houden tot ver na mijn dood. Is dat geen geruststelling. Ik lach in ieder geval op mijn bankje.