Havenloze gedachten in poezie

Jan Jacob Slauerhoff heeft er een gedicht over gemaakt. Hij kon alleen in zijn gedichten wonen. In de gedichten vind ik mijn haven. Kom ik tot mezelf.

Geïnspireerd door dit gedicht laat ik mij leiden.

Woninglooze...

Alleen in mijn gedichten kan ik wonen,
Nooit vond ik ergens anders onderdak;
Voor de’ eigen haard gevoelde ik nooit een zwak,
Een tent werd door den stormwind meegenomen.

Alleen in mijn gedichten kan ik wonen.
Zoolang ik weet dat ik in wildernis,
In steppen, stad en woud dat onderkomen
Kan vinden, deert mij geen bekommernis.

Dat voor den nacht mij de oude kracht ontbreekt
En tevergeefs om zachte woorden smeekt,
Waarmee ’k weleer kon bouwen, en de aarde
Mij bergen moet en ik mij neerbuig naar de
Plek waar mijn graf in ’t donker openbreekt.

Uit: Gedichten, 1941. J.J. Slauerhoff