Mijn verhaal

21. dec, 2014

Dit is weer een nieuw hoofdstuk. Vanmorgen stond de lange duurloop op het programma, plan ca. 17 km. Route uitgestippeld, ik heb namelijk in Helmond alleen nog maar gecombineerde rondjes gelopen.  Ik had wat risico, maar goed, zou wel goed komen.
Bij vertrek dacht ik nog even terug aan mijn mijmeringen van gisteren.

Het was november 1975. We hebben het op school gehad over de onafhankelijkheid van Suriname.  De radio aan. Meester Oosterhuis legt uit dat er in Suriname verschillende volken wonen. De oorspronkelijke bevolking zijn indianen, maar die leven er nog slechts in een beperkt mogelijk onbegaanbaar gebied.  In de hoofdstad Paramaribo zul je ze er niet aantreffen. De meester komt op het begrip Creool.

Er zit een jongen in de klas, Audi heet hij.
Ik vraag aan Audi of hij een creool is. Hierop krijg ik geen antwoord en de meester begint te schreeuwen, zoals hij altijd doet, wanneer hij de les niet in de hand houdt. Ik begrijp eigenlijk niet wat er mis is. Er zat geen kwaads in mijn vraag. Ik moet de gang op, ik heb hele middagen ten onrechte op de gang gezeten. Dit terwijl Hans B. gewoon echt slechte dingen doet. Maar waarom pakt hij hem dan niet aan? Hij stookt de andere jongens op. Die andere zijn veel verder dan ik. Zij zijn al met de meiden bezig. Ik ben nog bezig met buiten spelen.
Even later komt de doorbraak van de punk. De jongens doen op hun manier mee.

Maar op de dag van de onafhankelijkheid van Suriname wordt ik dus op de gang gezet.
De volgende dag kom ik op school en Audi is in de bosjes met een maatje aan het praten.
Ik wens hem goedemorgen. Ineens geeft hij een trap tegen een gescheurd blikje. Hij komt tegen mijn voet. Ik krijg een stekende pijn. Ik kijk naar beneden, het bloed als een rund.
Het spuit er uit. Rene van L. loopt met mij mee naar huis. Mijn zus is toevallig vrij. Ze ziet iets wit. Samen gaan we naar het Juliana ziekenhuis. Achterop de fiets. Bij het ziekenhuis spring ik er af. Het bloed spuit er uit. De portier komt met een rolstoel naar beneden. Het wordt een lange dag. Krijg wel voorrang bij de EHBO maar dan. Dokters, chirurgen lopen af en aan.
Op een gegeven moment lig ik op de gang. Mijn achillespees blijkt doorgesneden. Denk even aan het verhaal uit de Griekse mythologie van Achilles. Hoe hij Ajax versloeg. Hoe paradox. Ajax de voetbalclub uit mijn stad. Het wordt de eerste maanden niet naar school.
Audi komt met zijn vader op bezoek. Echter zijn vader komt verhaal halen. Ik was fout geweest. Denk dat Audi is aangepakt door school. Weet eigenlijk nog steeds niet goed wat er nu gebeurt is. En ik ben me nog steeds van geen kwaad bewust. De leraar begon met het uitleggen van een creool en gaf niet aan dat het ook een scheldwoord is.

Dit gebeurde allemaal nog voordat ik op atletiek ging. Af en toe voel ik nog mijn litteken.
Ik kom op onbekend terrein. Loop richting Gerwen, moet er af bij de Smits van Ooyenstraat.
Ik kan hem niet vinden. Ben te eigenwijs om dan toch maar Gerwen in te lopen. Denk als ik bij Lieshout richting Nuenen loop kom ik er ook. En ik voel me goed. Het is mooi weer en ik loop lekker. Bij Lieshout loop ik door het dorp. Richting Bavariafabriek. Ik loop richting Nuenen maar ineens kan ik de weg te voet niet meer volgen. Sla af, het bos in. Kom bij Croy. Ik besef dat ik niet ben waar ik wil zijn. Het is echt een oriëntatieloop geworden. Op gegeven moment zie ik een paddestoel van de ANWB. Leg me neer bij Aarle Rixtel en besef dat het nog wel een eindje is. Ook daar loop ik verkeerd. It's a long way to tipperary. Op de Helmondseweg van Aarle Rixtel naar Helmond krijg ik het zwaar.Dan volgt het Warandepark. Waar ik ook nog te ver doorloop, zodat het weer zoeken wordt in Stiphout Op het bedrijventerrein gaat het licht langzaam uit.

Ik krijg de neiging te gaan wandelen, maar doe dat niet. Als je daar eenmaal aan begint.
Ik zet door en verman me. Na mijn werk neem ik ook niet de korte weg via station, maar mijn hardlooproute. Ben nu toch kapot. Na ca. 3 uur ben ik thuis. Totaal aantal km. 27 en nog wat.
Een nieuw record. Ik loop traditioneel de trap omhoog naar de 4e etage. Mijn knieholtes doen zeer. Kan niet zitten, kan niet staan.Toch even gaan douchen.Daarna in bed gaan liggen. Even geslapen. Nu alleen nog stijf. In bed had ik het koud en nu warm. Wat een ervaring!

Wordt vervolgd!

===================================================================================

Dit verhaal is eerder gepubliceerd op Facebook op 13 juli 2014. Het is een repliek op een publicatie van Tim van der Veer over zijn boek Runner's High met als ondertitel: Een avontuurlijk onderzoek naar de vraag waarom wij hardlopen ...

17. dec, 2014

ik moet eerlijk bekennen, ik weet het niet.
Vandaag had ik een beetje een doffe dag.
Heb überhaupt een dof weekend. ...
Komt niet vaak voor bij mij.
Maar heb werkelijk weinig uitgevoerd.
Het is prachtig weer.
Vandaag stond mijn zondagsduurloop op het programma. Volgende week een halve marathon voor de boeg.
Maar ik kon me er niet toe zetten.
Om ca. 18:00 uur Zwitserland - Ecuador was net begonnen vertrok ik om een 8 km. te gaan lopen.

Na mijn eerste passen liep het eigenlijk niet verkeerd en begon na te denken.
Mijn gedachten vlogen heen en weer.
Mijn ritme ging omhoog en het liep soepel.
Ik zal proberen mijn gedachten te reproduceren de komende tijd en zal dit vaker doen om erachter te komen samen met jullie waarom ik hardloop.

Mijn eerste gedachte ging uit naar mijn vader.
Sinds hij is ingeslapen houdt hij mij toch wel bezig. Meer dan ooit.
Hij heeft mij meer nagelaten dan wij beiden door hadden.
In niet materiele zin dan.
Menselijkheid is het hoogste niveau daaronder komen naast elkaar:
geloof en wetenschap.
Het geloof dient daar waar de wetenschap geen verklaring voor heeft en om menselijkheid te verkopen.
Ik ben net als mijn vader niet gelovig.
Wij streven naar menselijkheid in de puurste vorm.
Wij hebben het geloof niet nodig om te volgen. Wij gebruiken hiervoor ons gevoel en gezond verstand.
Het probleem is dat wij mensen individuele dieren zijn, waarvan sommige hun haantjes gedrag niet kunnen onderdrukken.
Geloof me ik hou van het dier, de haan,
echter mijn grootste allergie is alleen dominantie en dus ook haantjes gedrag.
Dominantie lokt mij uit de tent waardoor ik er tegen in ga als een dwaas.
Maar vanaf vandaag speel ik dit spel niet meer mee.
Dat gedrag is namelijk negatief gedrag
Door dit gedrag wordt het geloof negatief gebruikt en krijg je de slag om het geloof.
Mijn voorvaderen deden hier al niet aan mee en vertrokken. Waarschijnlijk uit een land die ze lief hadden. Dat weten we niet.
Ik heb ook besloten om daar door te gaan waar mijn vader gestopt is.
Dus om vooral te doen, en, de mens, de mens te laten.
Leven en laten leven.
Dus geen woorden maar daden.

Ik begon me te concentreren op mijn loop en mijn ademhaling had geen tijd meer voor gedachten.
Moest me concentreren op de weg die kuiltjes en scheurtjes vertoonde.
Kreeg het zout van mijn zweet in mijn ogen en de zon begon te irriteren.
Hoopte snel op schaduw.
Na ca 43 minuten was ik thuis.
Bekaf, maar niet ontevreden.

Wordt vervolgd.

 

===================================================================================

Dit verhaal is eerder gepubliceerd op Facebook op 15 juni 2014. Het is een repliek op een publicatie van Tim van der Veer over zijn boek Runner's High met als ondertitel: Een avontuurlijk onderzoek naar de vraag waarom wij hardlopen ...

15. dec, 2014

Een rondje van 3 kilometer is gewoon te kort om even ergens anders aan te denken dan aan het hardlopen zelf. Dit bedenk ik mij als ik in de trappenhal de trappen naar beneden loop. Beneden aangekomen zet ik mijn S health app aan en de juffrouw vertelt dat ik mag beginnen met hard lopen. Ik loop de straat uit naar het poortje en dan het bruggetje over bij de groenstrook rond de Veste. Het is ineens donkerder en bang dat ik een misstap maak concentreer ik me op de stoepafgang en de stoepopgang. Een auto komt de straat ingescheurd, waarschijnlijk is het tijd voor de soep. Even verder kan ik weer wat vrijer lopen.

De afgelopen weken ben ik niet verder gekomen dan 5,28 km. Ik probeerde dagelijks te lopen. Na de 7 heuvelenloop heb ik een vervelende pijn aan mijn hamstring. Vermoeidheid. Het was er op de laatste kilometer ingeschoten, terwijl het eigenlijk best lekker ging. Die dinsdag deed ik een uitlooptraining. Die week heb ik niet meer gelopen tot de Warandeloop. Dat resultaat kennen we. Uitgestapt na de eerste ronde en toen nog even de tweede ronde met een achterblijver een rondje meegelopen, maar zelfs dat was te veel. Die week ben ik naar de Fysio gegaan en kreeg ik te horen voorlopig alleen nog maar onderhoudsloopjes tot 5 km. te mogen doen. Het is geen lokale blessure, maar een blessure die optreed door verkeerde houding, was de diagnose. Mijn ademhaling gaat regelmatig. Dit tempo is makkelijk voor mijn ademhaling, maar ik concentreer me op het gevoel van mijn benen. Ik loop lekker over het rode fietspad. Die zijn lekker vlak, staan niet zo bol als andere wegen. Dadelijk even uitkijken, dan is er een rotonde, hoef gelukkig niet over te steken, maar er kan een fietser aankomen, ik wijk dus even uit naar rechts. Niet om af te steken, maar in verband met de veiligheid.

Afgelopen weken heb ik me dus gehouden aan die onderhoudsloopjes, maar wat is dat dan. Terwijl ik denk dat ik rustig loop schiet ik toch naar 12,7 km / uur. Het is een tempo die ik best wel even vol kan houden en dan na 1 km voel ik die spier weer trekken, weer strakker worden. Thuis gekomen doe ik dan wat oefeningen, wat misschien dan weer niet slim is, omdat ik de spier alleen meer belast. Iedere dag breid ik de afstand uit, maar het gaat niet goed. Angst dat ik mijn been weer te veel belast brengt me om te kijken of ik mijn been niet wat meer moet gaan optrekken. Voel ik nu wel wat, of voel ik nu niets. Het is trouwens best stil op dit tijdstip. Ik ben nog geen collega loper tegengekomen, gelukkig ook geen hondjes. Ik hou wel van hondjes, maar meestal niet op hun baasjes, omdat ze niet opletten en gewoon midden op het fietspad gaan staan met een losse lange lijn. Het lijkt in ieder geval loos alarm.

Ik heb twee weekenden echter rust gehouden. Gewoon niks gedaan op hardloopgebied. Na het vorig weekend leek het beter te gaan, maar de volgende dag ontzettend veel reactie. Vandaag lijkt het overigens wel goed te gaan. Misschien dat de 8 uurtjes extra hebben geholpen. Nu ben ik donderdag wel behoorlijk uit elkaar getrokken door de fysio. Ik ga weer richting de Veste, brug weer over van de slotsloot (groenstrook ron de Veste). Langs de nieuw gebouwde huizen, de Jumbo, over het plein langs mijn huis, ik ben er bijna volgens de juffrouw. Ik zie de verlichting van mijn huis op de 4e etage. Ik loop de poort onderdoor en loop weer verder, dan nog maar even een rondje vierkant. Blij dat ik het toch even heb aangedurft zet ik nog even een tandje bij, wanneer de dame zegt dat mijn doel bereikt is. Bij de deur aangekomen druk ik af en loop nog even naar het plein om een foto te maken van mijn huis. Vergeet de hartslag te meten. Na de foto gemaakt te hebben zit mijn hartslag al weer op 98. Ik bel aan en ik mag nog steeds thuiskomen. De trappen op doe ik door om en om diep te gaan. Mooie oefening. Boven heb ik een hartslag van 147/ bij de voordeur al weer 98. Nog even wat foto's maken van ons boompje buiten en de voordeur. Tijd om te douchen en af te wachten op hoe mijn been morgen voelt.

 

15. dec, 2014

Als je thuiskomt., in deze sfeer, weet je dat je thuis bent.

11. dec, 2014
Tijdens het hardlopen heb ik soms zo maar wat gedachten. Ik val dan helemaal weg.
Vooral wanneer de route bekend is en ik me over het tempo even niet druk maak.
Vandaag was het weer zo ver en kwam ik ineens op de gedachte van mijn imaginaire jeugdliefdes van de lagere school Wileke H. en Anouska H.
We zaten in een meidenklas. Eigenlijk maar met weinig jongens dus.
Ik stroomde binnen in de tweede klas.
Weet de naam van de juffrouw niet meer. Zij was een Surinaamse. Erg aardig dat weet ik nog wel.
In de eerste zat juffrouw Santé. Maar ik kan haar misschien ook verwarren met de juffrouw van toen uit de hogere klassen.
Deze waren beide indisch.
In ieder geval komt, waarschijnlijk in een latere gedachtenkronkel, de juffrouw die ik bedoel mij nog wel beter in herinnering.
Ik was vreemd in de klas. Een indringer.
Dus ik moest behoorlijk vechten om geaccepteerd te worden.
In de derde klas hielp de didactiek van meester Schone mij behoorlijk.
Ik kreeg onder zijn bewind wat meer bravour. Ook kreeg ik de hoofdrol in een musical. Teun de Speelman. Dat jaar was een behoorlijk creatief jaar van de leraren op de Bos en Lommerschool.
Eigenlijk was ik maar een watje, niet erg sportief, een dromer.
Aan het einde van dat jaar vertrok meester Schone naar Californie.
Zijn droom kwam uit, echter gebeurde er wat in het schoolteam.
Noem het de dictatuur van meester Oosterhuis.
Ik was dus een watje.
Er kwam in de 4e ook een nieuwe jongen in de klas.
Hij was een tegenpool van mij en vele jaren ouder.
Hoe kwam hij op onze school?
In mijn klas.
Hij was een oproerkraaier, een rebel. Hans B., och er kwam wel eens meer een jongen bij.
Op het verhaal van Audi kom ik later terug.
Dit gaat ergens anders over.
Meester Oosterhuis had Hans niet in de hand, hij koos voor mij.
Echter had hij geen rekening gehouden met mijn strijd tegen onrecht.
Hij pakte mij aan. Hij maakte mij belachelijk dus ik vocht terug.
Mijn moeder kwam er aan te pas.
Er is iets met die jongen aan de hand.
Ik moest naar de schoolarts.
Daar deed ik mijn verhaal.
Ik kreeg een remedial teacher voor rekenen. Kon natuurlijk gewoon rekenen en samen met haar luisterde we in de bezemkast, waar ik mijn bijles kreeg, naar het geschreeuw van meester Oosterhuis.
De juffrouw die ik in het begin noemde wilde iets doen. Het team werd slachtoffer van de dictatuur.
Er was een groep die er last van had en een andere groep schikte zich.
Deze meester heb ik drie jaar gehad.
Van de 4e t/m de 6e.
In de 5e kwam ik door Robbie H. op atletiek. Hoe mijn interesse is gewekt vertel ik een andere keer.
Het ging beter dan verwacht.
Zoals gezegd, ik was helemaal niet sportief. Het ging helemaal niet zo slecht.
Stond helemaal niet voor aap.
Op mijn 1e wedstrijd bij Atos na.
Maar ook daar ben ik sterker uitgekomen.
Op de eindmusical wilde meester Oosterhuis mij nog met de speech in het ootje nemen.
Vergeving is het sterkste wapen.
Die heb ik van Mandela.
Ik was een beetje verliefd op de twee eerder genoemde meisjes.
Twee tegenpolen. Anouska was exotisch en Willeke oerhollands.
Ach ik was er nog niet aan toe en het stelde niet veel voor.
Aan mijn klasgenoten heb ik geen slechte herinneringen.
Er was wel eens iets aan de hand.
Inmiddels had ik het zandpad al gehad en de meeste van mijn mijmeringen gingen over in de realiteit.
Ik ben een romanticus maar zie wel de realiteit. Daarom ben ik een real romanticus.
Ik dacht bij de bocht voor het viaduct nog even aan het feit dat mijn klasgenoten het trillen van mijn moeder wel vreemd vonden. Later heeft ze bekendgemaakt dat het een gevolg is van een jeugdtrauma.
Af en toe maakte ik me op latere leeftijd wel eens zorgen.
Ook ik tril regelmatig bij het pakken van een bakkie koffie of het eten van soep.
Soms zelfs bij het drinken van een glaasje.
Inmiddels versnel ik mijn pas.
Downhil het viaduct af.
Even verder het spoor over.
Dit keer hoef ik niet in te houden omdat de spoorbomen omlaag gaan.
Bij Liverdonk gaat het nog sneller.
Laatste 500 meter zit er nog een eindsprint in.
Mijn 10 km. zit er weer op.
Morgenochtend wil ik weer een echt lange duurloop doen.
 
==============================================================================
Dit verhaal heb ik eerder gepubliceerd op Facebook op 12 juli 2014.
Tim van der Veer heeft mij hiertoe geïnspireerd met zijn publicatie over zijn boek: "Runner's High", met als ondertitel: "Een avontuurlijk onderzoek met de vraag waarom wij hardlopen".