2. jan, 2015

Waarom ik hardloop? (deel 4)

1 januari 2015

Vanmorgen het nieuwe jaar begonnen met wat discipline in mijn dagritme. Sinds ik thuiszit loop ik van het een in het andere en blijf net even iets langer bezig met activiteiten, die ik gewoon wat makkelijker moet afbreken, daar die activiteiten niet veel toevoegen in mijn leven. Om hierin verandering aan te brengen ben ik vandaag op tijd gestart met mijn loopje, die ik ook weer dagelijks wil doen.

De bedoeling was om een rondje van 5 km. net iets anders te lopen dan normaal en uiteindelijk een stukje te verlengen. De zon scheen en de temperatuur was rond het vriespunt, maar de atmosfeer was uitnodigend om er een lekker rondje van te maken. Ik had enorme spierpijn van de krachttraining in de sportschool van gisteren, maar ik was vrijwel direct losgelopen.

Ik liep eerst naar het station en sloeg rechts af om vervolgens naar links, naar de groene zone rondom de Veste, te lopen. Ik kreeg de zon voor me te zien. Stukjes met schaduw waren nog bevroren, daar was het even uitkijken, omdat het water verraderlijk was en soms bevroren. Op een gegeven moment houdt het pad op, daar heb ik twee keuze. Of naar rechts de trap op, of naar links stukje nog langs de wijk naar de Voort. Ik koos voor het laatste, omdat ik toch de Voort wilde oversteken door het parkje achter het sportpark. Ik liep langs het sportpark af en kwam eigenlijk in 1e instantie niet uit waar ik verwachtte uit te komen. Ik kwam wel bij het Eindhovens kanaal uit, wat ook op mijn route stond, maar op een ander punt. Ik zou oorspronkelijk rechts afslaan om van daaruit naar de Broekstraat te gaan en dan via een omweggetje over dierenrijk weer terug te komen en dan direct naar huis. Echter kreeg ik de kriebels om een keer links af te slaan, had in Maps gezien dat er een brug was en zou het kanaal via de overkant dan weer terug lopen. Aangekomen bij de brug kreeg ik een nieuw idee om maar gewoon door te lopen. Ik genoot van het lopen, van de lucht, van de omgeving, de rust. Ik liep langs het Hotel en sportcentrum de Brug, zelfs bij een saaier stukje bij een klein bedrijventerreintje leek de wereld mooi.

Ik dacht aan Egmond. Wat al weer over een week is. Ik dacht aan wat ik de komende weken wil gaan doen. Ook dacht ik aan morgen. Morgen een reisje naar Friesland. Een tante van mij is overleden. Ik wil er wel naar toe, moet er morgen al om 10 uur zijn om te condoleren. Vroeger gingen dit soort gelegenheden aan mij voorbij, maar ik weet nu dat het toch wel belangrijk is dat je er bent. Hoop nog wat mensen te spreken en wil even op bezoek bij mijn broer, die ik al een tijdje niet gezien heb. Eigenlijk heb ik als doel om iedere dag iemand te spreken, naast mijn directe familie en anders dan via Facebook.

Via het centrum in Mierlo, wat ineens heel idyllisch op mij overkomt, een soort van carillon hoor ik wanneer ik dichtbij de molen ben, kom ik weer op een bekender stukje, langs de Multimate af, het plaatselijke benzinestation en dan weer de landerijen in, naar het bruggetje bij de Broekstraat. Daarna loop ik voor Liverdonk richting Dierenrijk. Normaal had ik dan met mezelf afgesproken om daar een keerpunt aan te brengen, maar ik voel me Forrest Gump die denkt, nog even daarheen lopen en besluit de omweg te nemen langs de Gulberg, het spoor over en dan via de andere kant van het spoor naar de Vaarleseweg en via de Vaarleseweg richting Liverdonk, dan ben ik weer in de Broekstraat.

Ik denk er aan dat het werpen ook altijd leuk was. Eigenlijk voel ik me na 1 zware krachttraining al een stuk sterker en denk dat ik zo ook van mij soort van Frozen Shoulder problematiek af kan komen. Ben van plan om contact op te nemen met mijn oude werptrainer Rinus om toch ook af en toe wat gooi en smijtwerk te gaan doen. Het gooi en smijtwerk was vooral heerlijk zomers of in de lente al. Heerlijk om te spelen in het gras. Maar wel met gemotiveerde sporters. Misschien ga ik dat wel doen. Nee, niet misschien. Van misschien komt er niks van. Gewoon de confrontatie aan gaan. Dingen doen, mooie dingen realiseren. Dat is wat ik moet doen. Waarom altijd die rem.

Ik vervolg dus mijn nieuw uitgedachte route en het bevalt me goed. Soepel ga ik weer het spoor over. Bij Liverdonk aangekomen versnel ik zelfs nog wat. De rotonde bij de Voort neem ik over de weg. Op het fietspad ligt te veel sneeuw. Ik loop ontspannen naar huis. Bij de Laan door de Veste lopen twee mannen heel breed, ze horen mij aankomen, maar wat maakt het uit, ik vlucht de weg weer op en groet vriendelijk. Ik krijg een norse groet terug. Niet iedereen heeft blijkbaar even goede zin. Als ik aanbel trek ik weer een gekke bek voor de camera. Ik krijg dit keer niet het verwachte repliek. “Wat een knapperd.” De deur gaat open en het contact wordt afgebroken. Ik loop ontspannen de trappen op naar de 4e etage. Boven aangekomen ren ik over de galerij naar de voordeur, hij is niet open, dus bel maar weer aan. Mijn zoon doet open, dat verklaart alles. Ze staat onder de douche. Na een glas water check ik mijn kilometers. Teller staat op 15,8 km. Het jaar begint goed.

 =========================================================

Deze rubriek is een reactie op het boek van Tim van der Veer: Runner’s High met als ondertitel: Een avontuurlijk onderzoek naar de vraag waarom wij hardlopen ...